Laatste toezeggingen Wiebes voor Uitwerking Autobrief II

Bron: Rijksoverheid

Na het debat dinsdag heeft staatssecretaris Wiebes van Financiën het wetsvoorstel Uitwerking Autobrief II afgerond. In een brief aan de Kamer doet Wiebes nog een aantal toezeggingen en gaat hij nader in op een aantal eerder door de Kamer gestelde vragen. De stemmingen zijn op dinsdag 12 april 2015.

Niet te sjoemelen met bijtellingspercentage

De Kamerleden Omtzigt (CDA) en Bashir (SP) hadden hun zorgen uitgesproken over de mogelijkheden om een auto waarvoor het algemene bijtellingspercentage van 25 van toepassing is, op enigerlei wijze toch onder het percentage van 22 te brengen. Mensen zouden bijvoorbeeld hun auto op een ander kenteken kunnen zetten of het leasecontract oversluiten waardoor ze alsnog voor het bijtellingspercentage van 22 in aanmerking kunnen komen. Wiebes vindt die vrees ongegrond. Hij schrijft: ‘De datum van eerste toelating van de auto is in Nederland, en in het algemeen ook in de andere landen, het moment waarop voor de auto een kenteken is afgegeven. Die datum is gekoppeld aan de auto en wijzigt gedurende het bestaan van de auto niet, ook niet als de auto om wat voor reden dan ook een ander kenteken, een andere eigenaar of een andere berijder krijgt. Het is dus niet mogelijk om voor een auto waarvoor de datum van eerste toelating vóór 1 januari 2017 is gelegen toch een algemeen bijtellingspercentage van minder dan 25 te bewerkstelligen.’

Nieuwe uitstoottest

Tijdens de plenaire behandeling heeft Omtzigt gevraagd naar de gevolgen van de nieuwe uitstoottest voor de autofiscaliteit en met name de gevolgen voor de uitvoering daarvan. Op dit moment wordt de CO2-uitstoot van lichte voertuigen, die relevant is voor de grondslag voor de belastingheffing, nog vastgesteld aan de hand van de New European Driving Cycle-testmethode (NEDC). Per 1 september 2017 heeft de Europese Commissie (EC) een nieuwe testmethode voorgesteld: Worldwide Harmonized Light Vehicles Test Procedures (WLTP). Vanaf die datum gaat deze testmethode in voor de modellen die ook vanaf diezelfde datum op de markt komen. Een jaar later, op 1 september 2018, geldt volgens deze planning de nieuwe testmethode voor alle modellen met uitzondering van uitlopende series waarvan het opvolgmodel in de startblokken staat. Weer een jaar later, op 1 september 2019, beschikken alle voertuigen over een CO2-waarde conform de WLTP-procedure.

BPM

De introductie van een nieuwe testmethode heeft naar verwachting vooral gevolgen voor de belasting van personenauto’s en motorrijwielen (BPM). Met de nieuwe meetmethode zal de CO2-uitstoot van auto’s naar verwachting gemiddeld hoger liggen dan onder de huidige meetmethode. Maar, Wiebes schrijft in de Kamerbrief dat het verhogen van de BPM-opbrengst niet zijn inzet zal zijn. ‘Auto’s worden immers niet onzuiniger, alleen de meetmethode van de CO2-uitstoot verandert.’ De gevolgen van de nieuwe testprocedure worden door de EC onderzocht en de verwachting is dat ze dat eind april van dit jaar afronden. Wiebes deelt de zorg van Omtzigt, maar ‘we ontkomen er niet aan dat gedurende de transitieperiode de complexiteit voor de Belastingdienst tijdelijk zal toenemen. De introductie van de nieuwe meetmethode in Europa vraagt hoe dan ook wezenlijke aanpassingen in de systemen van de Belastingdienst, zeker in de transitieperiode. Die aanpassingen zijn echter gelijkelijk nodig onder de bestaande en onder de voorgestelde wetgeving. De besluitvorming over het voorliggende wetsvoorstel Wet uitwerking Autobrief II staat naar mijn opvatting dan ook los van de invoering van de nieuwe meetmethode.’

Implementatie nieuwe meetmethode

Wiebes voorziet nu twee scenario’s voor de implementatie van de nieuwe meetmethode. Het eerste scenario is dat er aparte tabellen worden geïntroduceerd.

  • ‘Met dit scenario zouden dus twee nieuwe tabellen in de BPM geïntroduceerd worden, zowel een tabel voor conventionele auto’s als een aparte tabel voor plug-in hybrid electric vehicle (PHEV’s). De Belastingdienst zou met dit scenario afhankelijk zijn van de juiste gegevenslevering van de RDW. De RDW zou in dit scenario immers moeten aangeven of het een auto betreft die is getest onder de nieuwe of de huidige meetmethode. Het is van belang dat hiervoor (aparte) afspraken worden gemaakt met de RDW. Na afloop van de voorziene transitieperiode in 2019 zouden de bestaande tabellen voor de NEDC-geteste auto’s kunnen vervallen. Hierdoor zou de situatie uiteindelijk weer gelijk zijn aan de huidige situatie, namelijk twee aparte tabellen in de BPM voor zowel conventionele auto’s als PHEV’s, waarbij de CO2-uitstoot wordt vastgesteld op basis van de nieuwe meetmethode.’
  • In het tweede scenario worden geen nieuwe tabellen in de BPM geïntroduceerd, maar voor de berekening van het verschuldigde bedrag aan BPM zouden de in het wetsvoorstel opgenomen tabellen gebruikt worden, zowel auto’s die onder de huidige meetmethode als onder de nieuwe meetmethode worden getest. Dit zal resulteren in een omrekenmodel. ‘Dit omrekenmodel kan worden gebruikt om, aan de hand van CO2-uitstoot onder de nieuwe testmethode, de CO2-uitstoot onder de huidige meetmethode te benaderen.’

Wiebes geeft aan de Kamer zo spoedig mogelijk te informeren als er een besluit is genomen welk scenario gebruikt gaat worden. De verwachting is dat dit eind 2016 zal zijn, bij de indiening van het wetsvoorstel.

Special: Auto van de Zaak Diner

Op 1 juni 2016 organiseert Elsevier Nextens Academy de Special Auto van de Zaak Diner. Tijdens dit diner wordt u bijgepraat over:

  • Aanscherping normen en bijstellingstarieven, met rekenvoorbeelden;
  • Regels voor Youngtimers en Oldtimers en elektrisch rijden
  • BPM en advisering voor vernieuwing van auto’s komende tijd;
  • Reiskostenvergoeding en fiscale tips.

Een dag vol Tips & Trucs met fiscale rekenvoorbeelden en praktijk casussen.

terug