Dijsselbloem blijft bij strikte scheiding van controle en advies

Bron: Rijksoverheid

In een brief aan VNO-NCW schrijft minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem dat hij blijft bij de verplichte kantoorroulatie en de strikte scheiding van controle en advies. Dit zou volgens hem niet nadelig zijn voor de Nederlandse concurrentiepositie.

Tussentijds aanbesteden

De ondernemersorganisatie VNO-NCW stuurde begin oktober een brief aan de minister waarin zij schreef dat zij graag zouden zien dat Nederland de Europese richtlijnen betreffende de termijn van verplichte roulatie van accountantskantoren overneemt. Door gebruik te maken van de lidstaatoptie kan de roulatietermijn met tien jaar verlengd worden als het tussentijds wordt aanbesteed. Deze week kwam hierop het antwoord van minister Dijsselbloem.

Aansluiting Europese verordening

De minister schrijft in zijn brief dat de Tweede Kamer in 2014 in een algemeen overleg heeft besloten om de termijnen voor de kantoorroulatie aan te laten sluiten bij de in 2014 vastgestelde Europese verordening. Om die reden is de voor accountantsorganisaties geldende roulatietermijn van acht naar tien jaar gebracht, en daarbij behorende afkoelingsperiode van twee naar vier jaar.

Scheiding controle en advies

Ook kiest Dijsselbloem ervoor om de strikte scheiding van controle en advies te behouden. Hij schrijft daar het volgende over: ‘De Europese verordening biedt daarvoor een uitdrukkelijke grondslag en ik heb mij in de genoemde algemene overleggen voor een behoud van de strikte scheiding van controle en advies uitgesproken. Er is in de afgelopen jaren dus intensief over deze onderwerpen gesproken, met als het resultaat dat er nu een wetgeving ligt die op brede steun kan rekenen.’

Geen nadeel concurrentiepositie

Dijsselbloem erkent dat deze maatregelen ook zorgen voor kosten voor het bedrijfsleven. Uiteindelijk is de afweging gemaakt dat de voordelen van de maatregelen groter zijn, ook voor de bedrijven die door striktere waarborgen voor de onafhankelijkheid van de controle van de jaarrekening op meer vertrouwen van beleggers en investeerders kunnen rekenen. ‘Om die redenen kan mijns inziens niet worden geconcludeerd dat soepelere wetgeving met betrekking tot kantoorroulatie en de scheiding van controle en advies in omringende landen zonder meer nadelig is voor de Nederlandse concurrentiepositie.’

terug