Belastingambtenaren niet verplicht naam tipgever te onthullen

Bron: FD

De belastingambtenaren die op de zitting bij het gerechtshof als getuigen optraden in een tipgeverszaak over Luxemburgse bankrekeningen, zijn niet verplicht de naam van de tipgever te verstrekken. Advocaat-generaal Robert IJzerman schrijft dit in zijn advies aan de Hoge Raad dat maandag is gepubliceerd.

De tipgeverszaak

De Belastingdienst was via een tipgever in maart 2009 op de hoogte gekomen van 61 Nederlandse zwartspaarders met Rabobankrekeningen in Luxemburg. Deze tipgever heeft, onder voorwaarde dat zijn identiteit geheim zou blijven, informatie over deze buitenlandse bankrekeningen aan de Belastingdienst overhandigd. Hiervoor heeft de Belastingdienst tipgeld betaald.

De inspecteur van de Belastingdienst heeft deze geheimhouding volgehouden en enkel de stukken, waaronder de overeenkomst met de tipgever, overlegt. Hierin zijn namen en overige details zwart gemaakt of eruit gelaten. In hoger beroep is de inspecteur bij zijn standpunt gebleven geen informatie te verstrekken. Het hof heeft vervolgens twee door de inspecteur meegebrachte belastingambtenaren als getuigen gehoord. Deze belastingambtenaren hebben zich beroepen op hun wettelijke geheimhoudingsplicht. Met het daaraan ontleende verschoningsrecht, hebben de getuigen geweigerd de naam van de tipgever te delen.

Advies Advocaat-Generaal

Het gerechtshof Arnhem/Leeuwarden ging niet akkoord met dit beroep op de wettelijke geheimhoudingsplicht. Het ministerie van Financiën zag geen andere uitweg dan in cassatie te gaan bij de Hoge Raad. Advocaat-generaal IJzerman, de belangrijkste adviseur van de Hoge Raad, geeft in reactie hierop aan dat de naam van de tipgever niet genoemd hoeft te worden. De Advocaat-Generaal is van mening dat de vraag naar de naam van de tipgever al in de geheimhoudingsprocedure, over de door de inspecteur overlegde stukken, was afgewikkeld. De getuigen stonden daarom in hun recht de naam van de tipgever niet prijs te geven. Doorgaans volgt de Hoge Raad het advies van de Advocaat-Generaal. Bovendien had het hof de aanslagen en boetes die de zwartspaarders waren opgelegd al vernietigd.

Eindoordeel

‘We zullen op het eindoordeel van de Hoge Raad moeten wachten’, aldus fiscaal advocaat Mark Hendriks die de belastingplichtige in cassatie verdedigt, in een reactie aan het FD. Hendriks meent dat de Advocaat-Generaal een rechtsvraag behandelt die niet aan de orde is. Er zijn nog 8 van de 61 zwartspaarders, aan wie definitieve aanslagen zijn opgelegd, in beroep. Advocaat Hendriks zegt vijf van de acht beroepzaken te voeren. Het door de Advocaat-Generaal gepubliceerde advies behandelt slechts één van die beroepszaken.

terug