Keten- en inlenersaansprakelijkheid

Bron: Redactie FiscaalTotaal

Keten- en inlenersaansprakelijkheid

Inlenersaansprakelijkheid houdt in dat indien u personeel inleent van een uitzend- of detacheringsbureau, u door de Belastingdienst aansprakelijk kunt worden gesteld als dat bureau de verschuldigde loonheffingen en omzetbelasting niet afdraagt.

U kunt het risico van aansprakelijkstelling beperken door gebruik te maken van een zogenaamde G-rekening. U maakt een deel van de factuur dat bestemd is voor de loonheffingen en btw over op de G-rekening van het uitzendbureau. Voor dat bedrag kunt u niet aansprakelijk worden gesteld, tenzij u wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat het uitzendbureau het geld op de G-rekening niet voor betaling van loonheffing en btw zou gebruiken.

1. Volledige vrijwaring

Vanaf 1 juli 2012 is vrijwaring van storting op de G-rekening uitgebreid. De Belastingdienst zal u als inlener namelijk helemaal niet meer aansprakelijk stellen voor niet afgedragen loonheffingen en btw door het uitzendbureau als:

  • u werkt met een uitzendbureau dat in het bezit is van het keurmerk van de Stichting Normering Arbeid (NEN-4400-1 of NEN-4400-2- certificaat);
  • u ten minste 25% van het factuurbedrag inclusief omzetbelasting heeft gestort op de G-rekening van het uitzendbureau. Als de verleggingsregeling voor de omzetbelasting wordt toegepast, moet u ten minste 20% van het factuurbedrag op de g-rekening storten;
  • de factuur van het uitzendbureau voldoet aan de eisen van de omzetbelasting en bovendien vermeldt:
    • het nummer of het kenmerk van de overeenkomst waarop de factuur ziet;
    • het tijdvak of de tijdvakken waarin de prestatie is verricht;
    • de benaming of het kenmerk van het werk;
  • u bij de betaling het factuurnummer en andere identificatiegegevens van de factuur vermeldt (voor zover van toepassing);
  • uw administratie zodanig is ingericht dat direct de volgende gegevens kunnen worden teruggevonden:
    • de gegevens over de overeenkomst;
    • de manurenadministratie van de uitzendkrachten;
    • de gedane betalingen;
  • u de identiteit van de uitzendkrachten kunt aantonen met:
    • een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
    • een kopie van een geldige verblijfs- of tewerkstellingsvergunning.

Als de periode van inlening is begonnen vóór 1 juli 2012 en na 1 juli 2012 doorloopt, geldt een overgangsregeling. Voor wat betreft de eis dat u werkt met een uitzendbureau dat in bezit is van het keurmerk van de Stichting Normering Arbeid is van belang dat vanaf 1 juli 2012 elke uitlener van arbeid verplicht is zich als zodanig in te schrijven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel.

2. Inperken aansprakelijkstelling

U kunt voorzorgsmaatregelen nemen om eventuele aansprakelijkheid loonheffingen en btw te voorkomen. Naast de mogelijkheid van volledige vrijwaring, zijn dit:

a. Storting op g-rekening
Als aannemer of inlener kunt u met de onderaannemer of uitlener overeenkomen dat u voor de verschuldigde heffingen een bedrag op een aparte, geblokkeerde rekening stort die de onderaannemer of uitlener bij een geregistreerde kredietinstelling (bijvoorbeeld een bank) aanhoudt: de zogeheten g-rekening. Dit bedrag komt dan in mindering op de aansprakelijkstelling tenzij de aannemer of inlener wist of moest weten dat de onderaannemer of uitlener de heffing(en) niet zou voldoen.

De mogelijkheid om in plaats van een G-rekening gebruik te maken van een WKA depot bij de Belastingdienst, is per 1 januari 2016 komen te vervallen.

b. Controle betalingsgedrag uitlener
Controleer de betrouwbaarheid van de uitlener waarmee u in zee wilt gaan. Doe navraag bij collega’s en controleer het betalingsgedrag. U kunt een verklaring van betalingsgedrag van de uitlener opvragen. Dit kan bij de SVU, SFT of de Stichting VRO als het uitzendbureau bij een van die stichtingen is aangesloten. Een verklaring goed betalingsgedrag keten- en inlenersaansprakelijkheid geeft de Belastingdienst ook af, op verzoek van de uitlener. U kunt daarmee als inlener het betalingsgedrag van de uitlener vaststellen. De Belastingdienst heeft in februari 2012 aangegeven dat het formulier gedigitaliseerd gaat worden. Dit houdt in dat het wordt klaargezet in het persoonlijke domein de ondernemer bij de Belastingdienst. Tot op heden gebeurt dat nog niet.

c. Controle inschrijving Kamer van Koophandel – WAADI
Van belang is dat de uitleners/uitzendbureaus zich sinds 1 juli 2012 op grond van de Wet allocatie arbeidskrachten door Intermediairs (WAADI) verplicht moeten laten registeren bij de Kamer van Koophandel. Als de uitlener zich niet registreert kan de uitlener, maar ook de inlener, een boete opgelegd krijgen van maximaal € 48.000. De reikwijdte van de wet is ruim en is ook van toepassing als een accountantskantoor een assistent-boekhouder uitleent aan een van haar klanten die te maken heeft met een zieke administratieve kracht. Een inlener die iemand inleent moet steeds nagaan of de uitlener als zodanig is geregistreerd bij de Kamer van Koophandel. De uitlener moet zich bij de Kamer van Koophandel als uitlener van personeel melden.

d. Controle identiteit personeel
Als inlener moet u kopieën van identiteitsbewijzen maken van ingeleend personeel. Als het uitzendbureau zijn personeel namelijk niet (goed) heeft geïdentificeerd of de loonbelastingverklaring niet (goed) heeft ingevuld, geldt het anoniementarief van 52%, ongeacht de hoogte van het salaris. De Belastingdienst kan hiervoor u als de inlener aansprakelijk stellen. Het feit dat u op een g-rekening heeft betaald, doet dan niet ter zake. Controleer ook de VAR-verklaring van een zzp’er. Zorg dat u zeker weet dat het een zelfstandig ondernemer is. U voorkomt daarmee dat de Belastingdienst stelt dat de zzp’er bij u in loondienst is en u loonheffing moet inhouden en afdragen.

Let op! Vanaf 1 mei 2016 kan de VAR niet meer worden gebruikt. In plaats daarvan kunnen opdrachtgever en opdrachtnemer gebruik gaan maken van voorbeeldovereenkomsten of hun arbeidsrelatie vastleggen in een eigen overeenkomst.

e. Controle tewerkstellingsvergunning
Een buitenlandse, niet EU-werknemer, ook degene die via een uitzendbureau werkt, mag alleen voor u werken als hij beschikt over een tewerkstellingsvergunning op straffe van een forse boete. Werknemers uit Roemenië en Bulgarije hebben nog steeds een tewerkstellingsvergunning nodig.

f. Afspraken met uitlener
Maak heldere afspraken met de uitlener. U moet vastleggen hoe en op welke wijze de betalingen plaatsvinden.

3. Verweer tegen een aansprakelijkstelling

Wordt u als inlener aansprakelijk gesteld voor de niet afgedragen loonheffingen en btw van het uitzendbureau, accepteer dat dan nooit zomaar. Controleer waarvoor u aansprakelijk wordt gesteld. Het komt nogal eens voor dat u in totaal voor meer aansprakelijk wordt gesteld dan de belasting- en premieschulden. Weet verder dat u recht heeft op inzage in de opbouw van het bedrag waarvoor u aansprakelijk wordt gesteld. Vraag om een gedetailleerde berekening, samen met de documenten die voor die berekening zijn gebruikt.

4. De omzetbelasting bij inlening

Hoofdregel is dat het inlenen van personeel is belast met btw, naar het algemene tarief van 21 procent. Dit geldt ook als uitlener en inlener vrijgestelde prestaties verrichten, bijvoorbeeld als de ene tandarts een assistente uitleent aan de andere tandarts. Hierdoor wordt de prijs voor de inlenende tandarts verhoogd. Dat is jammer. En als het zou gaan om een malafide uitlener die geen btw afdraagt aan de Belastingdienst, zou dit tot gevolg kunnen hebben dat de inlener twee keer btw moet afdragen. Eén keer de btw die de uitlener hem in rekening brengt, en de tweede keer de niet afgedragen btw van de collega waarvoor u aansprakelijk wordt gesteld. De aansprakelijkheid kunt u voorkomen door de onder 1. en 2. genoemde maatregelen. In sommige sectoren, zoals de bouw, confectie en scheepsbouw geldt de zogenaamde verleggingsregeling. De btw wordt dan verlegd naar de inlener.

5. Ketenaansprakelijkheid en verleggingsregeling

Ketenaansprakelijkheid, de verleggingsregeling en btw zijn met elkaar verbonden. Om fraude met btw in de (scheeps)bouw, metaalconstructie en schoonmaakbranche te voorkomen geldt de btw-verleggingsregeling. De verleggingsregeling houdt in dat de verschuldigdheid van btw is verlegd naar u als inlener. U bent hoofdelijk aansprakelijk voor de door de uitlener verschuldigde btw.

Van onderaanneming is sprake als een aannemer een ander, een onderaannemer, inschakelt voor de uitoefening van werkzaamheden. Deze onderaannemer kan ook weer een ander inschakelen: de tweede onderaannemer. De eerste onderaannemer wordt dan ten opzichte van de tweede onderaannemer als aannemer beschouwd. Ook in dat geval geldt de verleggingsregeling.

Voor de verleggingsregeling is een aannemer degene die voor een opdrachtgever, anders dan in het kader van een dienstbetrekking, tegen betaling ‘een werk van stoffelijke aard’ uitvoert dat betrekking heeft op onroerende zaken.

Een voorbeeld:

U bent aannemer en hebt onderaannemers ingeschakeld of personeel ingeleend. U krijgt facturen met ‘btw verlegd’. U vult uw btw-aangifte in:

  • In rubriek 2a ‘leveringen en diensten waarbij de omzetbelasting naar u is verlegd’. U vult daar het totaalbedrag in van de naar u verlegde omzet en bijbehorende btw in. Het btw-bedrag rekent u zelf uit.
  • De btw die u bij rubriek 2a invult kunt u weer als voorbelasting aftrekken in rubriek 5b. Voor de aftrek van voorbelasting gelden de normale regels van aftrekken van voorbelasting.

U bent onderaannemer en hebt werk verricht voor een opdrachtgever of personeel uitgeleend. U meldt op uw factuur: ‘btw verlegd’. U vult uw btw-aangifte in:

  • In rubriek 1e: ‘leveringen en diensten belast met 0% of niet bij u belast’. U vult daar het totaalbedrag in van de omzet die u hebt verlegd.
  • Als de verleggingsregeling geldt, mag op de factuur van de onderaannemer geen bedrag aan btw staan. In plaats daarvan moet er op de factuur de vermelding ‘btw verlegd’ staan. Ook het btw-identificatienummer van de afnemer moet op de factuur worden vermeld.

Past u als onderaannemer de verleggingsregeling niet goed toe door een factuur met btw te versturen, dan moet u deze btw toch aangeven en betalen. De aannemer die zo’n factuur ontvangt mag deze btw niet aftrekken als voorbelasting.

Op de website van de Belastingdienst zijn brochures beschikbaar (Aansprakelijkheid voor loonheffingen bij onderaanneming, Aansprakelijkheid voor loonheffingen en omzetbelasting bij inlening van personeel en De verleggingsregeling bij onderaanneming en uitlening van personeel).


naar boven

Dit document en meer vindt u in FiscaalTotaal:

  • Betrouwbare en actuele fiscale en financiële vakinformatie
  • Integraal inzicht in een groot aantal fiscale thema’s
  • Praktische ondersteuning bij uw dagelijkse werkzaamheden

    Lees verder over FiscaalTotaal


Gerelateerde nieuwsartikelen