Fiscaal innoveren: WBSO, innovatiebox, EIA, MIA en Vamil

Bron: Redactie FiscaalTotaal

Fiscaal innoveren: WBSO, innovatiebox, EIA, MIA en Vamil

Om ondernemers in Nederland te ondersteunen bij hun innovaties heeft de rijksoverheid een aantal fiscale stimuleringsregelingen ingesteld. Dit zijn:
– de WBSO (ook bekend als de Wet bevordering speur- en ontwikkelingswerk; officieel Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen – S&O-afdrachtvermindering);
– de innovatiebox;
– de energie-investeringsaftrek (EIA);
– de milieu-investeringsaftrek (MIA);
– de willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil).

WBSO

De WBSO compenseert een deel van de loonkosten voor speur- en ontwikkelingswerk (research & development) via een vermindering van de af te dragen loonbelasting en premie volksverzekeringen dan wel door een verhoging van de zelfstandigenaftrek via de inkomstenbelasting. Voor starters geldt extra ondersteuning (startersfaciliteit).

In aanmerking voor de WBSO komen:

– ondernemers die hun werknemers speur- en ontwikkelingswerk laten verrichten;
– tot 2015: kennisinstellingen, als zij projecten voor een onderneming uitvoeren;
– zelfstandigen die zelf S&O verrichten.

Subsidiabel zijn:

– technisch wetenschappelijk onderzoek;
– de ontwikkeling van technisch nieuwe producten, productieprocessen of programmatuur.

De bijdrage bestaat uit een korting op de af te dragen loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen of een verhoging van de zelfstandigenaftrek via de inkomstenbelasting. Startende ondernemers krijgen extra korting of verhoging. Aanvragen voor een S&O-verklaring (die recht geeft op verrekening van de afdrachtvermindering via de loonbelasting dan wel verhoging zelfstandigenaftrek via de inkomstenbelasting) moeten digitaal bij Agentschap NL worden ingediend.

Innovatiebox

Ondernemers die belastingplichtig zijn voor de Wet op de vennootschapsbelasting kunnen alle winsten die worden behaald met innovatieve activiteiten in een speciale tariefbox binnen de vennootschapsbelasting laten onderbrengen en op verzoek belasten tegen 5% in plaats van 20% of 25%.

Voorwaarde is dat de ondernemer beschikt over een octrooi, een buitenlands patent of een S&O-verklaring (vanuit de WBSO), gekregen voor een eigen innovatie. Ook kwekersrechten voor nieuw ontwikkelde plantenrassen worden als octrooi aangemerkt.

Voor de innovatiebox geldt een zogeheten boxdrempel. Dat wil zeggen dat de voordelen die de innovatie of technologie oplevert (royalties, verkoopwinsten) pas laagbelast zijn als de ondernemer de voortbrengingskosten (de maakkosten van de eigen innovatie of technologie) heeft ingelopen.

Ondernemers kunnen elk jaar beslissen of ze gebruik gaan maken van de innovatiebox. Ook kunnen met de Belastingdienst afspraken worden gemaakt over het bepalen van de winst die in de innovatiebox valt.

De voorwaarden om gebruik te kunnen maken van de innovatiebox zijn vanaf 1 januari 2017 aangescherpt. Feitelijk zijn alleen nog eigen ontwikkelingen subsidiabel. Ontwikkelingen die door andere concernonderdelen ter hand zijn genomen kwalificeren niet.

Energie-investeringsaftrek

De energie-investeringsaftrek (EIA) is bedoeld om energiebesparing en de inzet van duurzame energie door ondernemingen te stimuleren. De EIA is een belastingfaciliteit die inhoudt dat een bepaald percentage van relevante investeringen in een jaar van de winst kan worden afgetrokken. Hierdoor ontstaat een belastingvoordeel. De investeringsaftrek heeft geen invloed op de afschrijving.

De EIA kan worden toegepast door ondernemers die in Nederland belastingplichtig zijn voor inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting en die voor eigen rekening een onderneming drijven. De vermindering kan alleen worden toegepast nadat de belastingplichtige hiertoe een verklaring heeft gekregen.

In aanmerking voor de aftrek komen de aanschaf- of voortbrengingskosten voor investeringen met betrekking tot niet eerder gebruikte bedrijfsmiddelen die in de Energielijst zijn opgenomen.

De investeringen worden onderverdeeld in de volgende categorieën:
– energiebesparing in of bij bedrijfsgebouwen;
– energiebesparing bij processen;
– energiebesparing bij transportmiddelen;
– het aanwenden of toepassen van duurzame energie;
– energie-advies, een EPA-maatwerkadvies of een actieplan voor elektromotoren.

Er geldt één aftrekpercentage, namelijk 55,5% (in 2017). Het bedrag aan investeringen moet minimaal € 2.500 per kalenderjaar bedragen. Aanvragen moeten binnen drie maanden nadat verplichtingen zijn aangegaan digitaal worden ingediend bij Agentschap NL.

MIA/Vamil

De milieu-investeringsaftrek (MIA) en willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil) zijn twee aparte fiscale regelingen met grote overlap, bedoeld voor ondernemers die investeren in milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen.

Via de MIA kan de ondernemer tot 36% van de investeringskosten voor een milieuvriendelijke investering aftrekken van de fiscale winst, aanvullend op de reguliere afschrijving. Door gebruik te maken van de Vamil kan de ondernemer zelf bepalen wanneer deze investeringskosten worden afgeschreven.

Ondernemers die inkomsten- of vennootschapsbelasting betalen kunnen MIA en/of Vamil aanvragen voor investeringen in bedrijfsmiddelen die betrekking hebben op onder meer de volgende gebieden:

  1. duurzame productiemiddelen;
  2. klimaatverandering;
  3. luchtverontreiniging;
  4. overlast en gezondheid;
  5. mobiele werktuigen en transportmiddelen;
  6. externe veiligheid en preventieve voorzieningen;
  7. biodiversiteit en natuurlijke omgeving;
  8. grondstoffenbesparing en hergebruik;
  9. afvalstromen.

Verder kan de MIA worden toegepast op milieuadvies.

Bij de MIA en Vamil wordt uitsluitend gebruik gemaakt van een specifieke lijst (de Milieulijst). Generieke investeringen zoals bij de energie-investeringsaftrek (EIA) kunnen bij de MIA niet worden meegenomen.

De hoogte van de belastingaftrek is afhankelijk van de categorie waarin de investering valt en kan oplopen tot 36%. De kosten van een bedrijfsmiddel moeten minimaal € 450 bedragen, en in die middelen moet meer dan € 2.500 per jaar worden geïnvesteerd.

De aanvraag voor toepassing van de MIA en/of VamilL moet binnen een termijn van drie maanden na het aangaan van verplichtingen worden ingediend bij Agentschap NL. Indien voor een bedrijfsmiddel gebruik wordt gemaakt van de EIA kan geen MIA worden aangevraagd.


naar boven

Dit document en meer vindt u in FiscaalTotaal:

  • Betrouwbare en actuele fiscale en financiële vakinformatie
  • Integraal inzicht in een groot aantal fiscale thema’s
  • Praktische ondersteuning bij uw dagelijkse werkzaamheden

    Lees verder over FiscaalTotaal


Gerelateerde nieuwsartikelen