Bedrijfsoverdracht bij overlijden van een IB-ondernemer

Bron: Redactie FiscaalTotaal

Bedrijfsoverdracht bij overlijden van een IB–ondernemer

In dit dossier worden de verschillende mogelijkheden en gevolgen van bedrijfsoverdracht bij overlijden van de IB-ondernemer behandeld. De volgende onderwerpen komen aan bod:

1. Mogelijkheden om bij leven de bedrijfsopvolging te regelen

2. Overlijdenswinst

3. Mogelijkheden om heffing van inkomstenbelasting uit te stellen

4. Geruisloze doorschuiving

5. Mogelijkheden om heffing van erfbelasting te besparen of uit te stellen

6. Tips

1. Mogelijkheden om bij leven de bedrijfsopvolging te regelen

Heef u ideeën over bedrijfsopvolging, bespreek die dan zoveel als mogelijk en leg ze vast. Laat het niet bij gedachten maar voer ze uit. Bij leven kunt u al zoveel mogelijk regelen. Dat kunt u doen in uw testament maar ook in een overeenkomst van samenwerking. Omdat een testament een eenzijdige wilsbeschikking is, kunt u te allen tijde de inhoud aanpassen. U kunt eenvoudig van gedachte veranderen. Dat is anders als u een samenwerkingsverband aangaat met uw opvolger en de opvolger een recht op overname (van uw onderneming) toekent. Een overeenkomst bindt twee partijen en de gemaakte afspraken kunt u niet straffeloos veranderen.

2. Overlijdenswinst

Als de ondernemer overlijdt, gaat zijn ondernemingsvermogen van rechtswege over naar de erfgenamen. Zonder nadere regelgeving zouden de stille reserves onbelast blijven. Daarom is in de wet op de inkomstenbelasting geregeld dat de onderneming op het tijdstip voorafgaand aan het overlijden geacht wordt te zijn overgedragen tegen de waarde in het economische verkeer. Zo kan de fiscus komen tot heffing over de stakingswinst (ofwel de overlijdenswinst).

Bij staking door overlijden:

– Is er sprake van een fictieve overdracht; u (ofwel uw erfgenamen) moet(en) afrekenen over de stille en fiscale reserves.

– Vindt er voor de desinvesteringsbijtelling geen staking plaats; de genoten investeringsaftrek hoeft niet te worden terugbetaald.

– Bewoont u ten tijde van uw overlijden een bedrijfswoning en blijft uw gezin of uw echtgenote na uw overlijden in die woning wonen, dan mag de waarde van de woning bij de berekening van de overlijdenswinst worden gesteld op 60% van de woningwaarde (WOZ-waarde).

3. Mogelijkheden om heffing van inkomstenbelasting uit te stellen

De overlijdenswinst wordt door uw erfgenamen aangegeven in uw ‘laatste’ aangifte inkomstenbelasting. Op de overlijdenswinst kan de stakingsaftrek in aftrek worden gebracht. Uw erfgenamen kunnen verder de oudedagsreserve (FOR) en stakingswinst omzetten in een lijfrente waarbij de premie – op verzoek – in de aangifte inkomstenbelasting in aftrek wordt gebracht. Verder kunnen de erfgenamen voor de belasting die verschuldigd is over de overlijdenswinst renteloos uitstel van betaling aanvragen. Hiervoor moet wel een verzoek worden ingediend. Als uitstel wordt verleend, legt de inspecteur de erfgenamen een zogenaamde conserverende aanslag op, die gedurende tien jaar nog niet hoeft te worden betaald. Tot slot wijzen wij u op de faciliteit van geruisloze doorschuiving.

4. Geruisloze doorschuiving

Voor uw erfgenamen of echtgenoot is het mogelijk om de onderneming voort te zetten zonder dat er afgerekend hoeft te worden. De onderneming wordt dan niet gestaakt maar geruisloos doorgeschoven. De belastingclaim over goodwill en stille reserves gaat over op de bedrijfsopvolger. In het geval dat uw echtgenote de onderneming voortzet, kan ook de oudedagsreserve worden doorgeschoven.

Niet alle erfgenamen hoeven de onderneming voort te zetten. Bij de verdeling van de nalatenschap kan de onderneming aan een van de erfgenamen worden toebedeeld. Deze erfgenaam betaalt dan een bedrag aan de andere erfgenamen als hij door het verkrijgen van de onderneming wordt overbedeeld. De erfgenaam/voortzetter kan om geruisloze doorschuiving verzoeken.

5. Mogelijkheden om heffing van erfbelasting te besparen en uit te stellen

Als een onderneming vererft, wil de fiscus erfbelasting heffen. In de Successiewet zijn echter belastingvrijstellingen opgenomen, de zogenaamde bedrijfopvolgingsregeling (BOR). Deze regeling houdt in dat bedrijfsopvolgers een (gehele of gedeeltelijke) vrijstelling kunnen claimen voor de verschuldigde erfbelasting. Als er nog erfbelasting verschuldigd is, kan daarvoor uitstel van betaling worden aangevraagd. In dat geval is er wel rente verschuldigd.

Bij voortzetting van de onderneming door de erfgenamen geldt op verzoek een vrijstelling voor de erfbelasting. De vrijstelling bedraagt 100% van de waarde van de onderneming tot 1.063.479 euro (bedrag 2017) plus 83% van de waarde van de onderneming boven de 1.063.479 euro. Is er na toepassing van de vrijstelling nog erfbelasting verschuldigd, dan kan hiervoor gedurende tien jaar rentedragend uitstel van betaling worden verkregen.

Voor de faciliteit gelden eisen:

Eis van objectieve onderneming. Dat is een onderneming die zich hoofdzakelijk bezighoudt met ondernemingsactiviteiten. Een onderneming die zich bezighoudt met beleggingen, zoals verhuur van onroerend goed, valt daarbuiten. Bij meerdere bedrijfsopvolgers wordt de vrijstelling tussen hen verdeeld.

Bezitseis. Om van de vrijstelling gebruik te kunnen maken, moet de overleden ondernemer het ondernemingsvermogen dat vererft naar de bedrijfsopvolgers al minimaal één jaar voor het overlijden op zijn naam hebben gehad.

Voortzettingseis. De vrijstelling wordt verleend onder de voorwaarde dat de onderneming ten minste vijf jaar rechtstreeks wordt voortgezet. Van rechtstreeks voortzetten is alleen sprake wanneer de bedrijfsopvolgers de onderneming voor eigen rekening en risico als ondernemer gaan voortzetten. Besluiten zij in de periode van vijf jaar de onderneming te verkopen of de ondernemingsactiviteiten te staken, dan wordt er alsnog erfbelasting nageheven.

Termijneis. In het geval de erflater bij leven niets heeft geregeld over de bedrijfsopvolging, en de voortzetter na uw overlijden zelf regelt dat hij de onderneming uit de nalatenschap krijgt toebedeeld, is vereist dat de verdeling van de boedel binnen twee jaar na het overlijden plaatsvindt.

Verzoek. De opvolger moet om de toepassing van de faciliteit verzoeken. Dat kan gelijktijdig met de aangifte erfbelasting worden gedaan.

6. Tips

Wanneer u een bedrijfsopvolger in het vizier heeft, legt dit dan op enigerlei wijze schriftelijk vast. Bijvoorbeeld in uw testament, door aan de opvolger een onderneming te legateren, tegen inbreng van de waarde.

Gaat u een samenwerkingsverband aan met de beoogde opvolger, zorg er dan voor dat de afspraken over opvolging bij uw overlijden voor beide partijen helder zijn geformuleerd.

Laat de werkelijke waarde van de onderneming bij overlijden deskundig vaststellen, ook als gebruik wordt gemaakt van de bedrijfopvolgingsfaciliteit. Als uw opvolger binnen vijf jaar de onderneming verkoopt of beëindigt, moet alsnog erfbelasting worden betaald en dan is van belang dat er met de fiscus geen geschil ontstaat over de waarde van de onderneming ten tijde van het overlijden van de ondernemer.


naar boven

Dit document en meer vindt u in FiscaalTotaal:

  • Betrouwbare en actuele fiscale en financiële vakinformatie
  • Integraal inzicht in een groot aantal fiscale thema’s
  • Praktische ondersteuning bij uw dagelijkse werkzaamheden

    Lees verder over FiscaalTotaal


Gerelateerde nieuwsartikelen