Auto van de zaak of aanschaf in privé

Bron: Redactie FiscaalTotaal

Hoofdlijnen voor de afweging auto van de zaak of aanschaf in privé

Een ondernemer of resultaatgenieter die een auto aanschaft, doet er verstandig aan een berekening te (laten) maken welke mogelijkheid het gunstigst is aan de hand van een schatting van het zakelijke gebruik en het privégebruik. Op een in redelijkheid gemaakte keuze kan later niet meer worden teruggekomen, behalve als er sprake is van bijzondere omstandigheden, bijvoorbeeld bij aanschaf van een andere auto.

Keuzefactoren

De volgende factoren zijn onder meer van belang bij het maken van een goede keuze:

  • oorspronkelijke catalogusprijs van de auto (inclusief BTW en BPM);
  • verwachte restwaarde;
  • geplande gebruiksduur;
  • brandstofverbruik;
  • brandstofkosten per kilometer;
  • onderhoudskosten per jaar;
  • financieringskosten per jaar;
  • verzekeringskosten per jaar;
  • eventuele overige autokosten inclusief BTW per jaar;
  • motorrijtuigenbelasting per jaar;
  • aantal privékilometers per jaar;
  • aantal zakelijke kilometers per jaar;
  • inkomstenbelastingtarief;
  • investeringsaftrek bij bestelauto en zeer zuinige personenauto;
  • BTW-gevolgen (aftrekbaar, deels, of niet);
  • toepasselijk percentage bij een bijtelling wegens privégebruik (4% voor volledig elektrische auto’s of 22% voor overige auto’s (vanaf 2017)).

Zowel voor personenauto’s als voor bestelauto’s bestaat de keuzemogelijkheid om de auto te rekenen tot het privévermogen of tot het ondernemingsvermogen. Voor de omzetbelasting bestaat ook een keuzemogelijkheid. De keuze voor de omzetbelasting staat los van de keuze voor de inkomstenbelasting. Voor ondernemers/resultaatgenietersmet een bestelauto gelden ook de volgende mogelijkheden voor de bewijslast met betrekking tot de 500-kilometer-grens:

  • Goederenvervoerbestelauto;
  • Vereenvoudigde rittenregistratie.

Bij aanschaf van een bestelauto of een zeer zuinige personenauto kan recht bestaan op de zogenoemde kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. In 2017 bij investeringen tussen € 2.301 en € 56.192 (exclusief BTW) bedraagt deze aftrekpost 28%. Bij hogere investeringen daalt de omvang van de aftrek.

Zowel voor personenauto’s als bestelauto’s geldt de autokostenfictie. Als privégebruik mogelijk is, betekent dat een bijtelling van 4% of 22% van de oorspronkelijke catalogusprijs van de auto, inclusief BTW en BPM. Het toepasselijke percentage hangt af van de CO2-uitstoot van de auto. Het bijtellingspercentage kan worden aangepast nadat de CO2-uitstoot door modificatie aantoonbaar is veranderd. Voor auto’s die ouder zijn dan 15 jaar geldt een bijtelling van 35% van de waarde in het economische verkeer.

Omzetbelasting

Met ingang van 1 juli 2011 is de wet- en regelgeving gewijzigd om de BTW vast te stellen voor auto’s die zakelijk en voor privédoeleinden worden gebruikt. De koppeling die bestond met de autokostenfictie voor de inkomstenbelasting en loonbelasting is daarbij losgelaten. De nieuwe BTW-regels gelden zowel voor personenauto’s als voor bestelauto’s.

Als de auto tot het ondernemingsvermogen wordt gerekend moet de 2,7%-correctie worden opgenomen in de aangifte over het laatste belastingtijdvak van een jaar. Als de personen- of bestelauto is gekocht zonder aftrek van BTW, is voor de correctie op het privégebruik de toepassing van een verlaagd forfait toegestaan:

  • De BTW die drukt op autokosten wordt in aftrek gebracht alsof de auto niet voor privédoeleinden wordt gebruikt;
  • De ondernemer voldoet in de aangifte over het laatste belastingtijdvak van een jaar een BTW-bedrag dat gelijk is aan 1,5% van de catalogusprijs (inclusief BTW en BPM). Het percentage van 1,5% is het percentage van 2,7% verminderd met de afschrijving.

 

Afwegingskader

Keuzemogelijkheid inkomstenbelasting   Afwegingspunt? (ja/nee)  Afweging (keuze voor a of b)
a) auto privé Voor zakelijke kilometers mag maximaal € 0,19/km worden gedeclareerd.     
b) auto ondernemingsvermogen  Alle kosten en lasten die verband houden met de auto mogen ten laste van de winst worden gebracht.    
  Voor het privégebruik moet een winstcorrectie plaatsvinden op basis van de autokostenfictie; de onttrekking. Deze bedraagt maixmaal de werkelijke totale autokosten.    
  Bij aanschaf van een bestelauto of een zeer zuinige personenauto kan recht bestaan op de zogenoemde kleinschaligheidsinvesteringsaftrek.     
  Tarief inkomstenbelasting box 1.    
Keuzemogelijkheid omzetbelasting       
a) auto privé  Voorbelasting auto niet aftrekbaar; bij verkoop auto geen belaste levering.     
  Voorbelasting op gebruik en onderhoud auto deels aftrekbaar (en maximaal volgens verhouding vrijgestelde/belaste prestaties).    
b) auto ondernemingsvermogen  Voorbelasting op aanschaf en gebruik van de auto is aftrekbaar (en maximaal volgens verhouding vrijgestelde/belaste prestaties).      
  Voor het privégebruik moet jaarlijks een correctie plaatsvinden (hoofdregel: 2,7% van de catalogusprijs inclusief BTW en BPM).    
  Bij verkoop van de auto is sprake van een belaste levering.     
MRB/BPM  Voor de bestelauto van een BTW-ondernemer geldt onder bepaalde voorwaarden:
– een lager tarief voor de MRB en
– een vrijstelling voor de BPM.
   
MRB  Voor bepaalde personenauto’s geldt een vrijstelling voor de MRB (emissieloze auto’s.     

naar boven

Dit document en meer vindt u in FiscaalTotaal:

  • Betrouwbare en actuele fiscale en financiële vakinformatie
  • Integraal inzicht in een groot aantal fiscale thema’s
  • Praktische ondersteuning bij uw dagelijkse werkzaamheden

    Lees verder over FiscaalTotaal


Gerelateerde nieuwsartikelen