Verstrekte iPad toch onbelast?

 

RTL moest ruim 320.000 euro aan loonheffingen betalen over de verstrekking van een iPad aan al haar werknemers in vaste dienst. Hof Amsterdam oordeelde op 25 september 2014 echter dat deze naheffing voor bijna driekwart onterecht is.

RTL heeft in december 2010 aan al haar 664 werknemers in vaste dienst een iPad ter waarde van 699 euro verstrekt. Volgens RTL was de iPad aan te merken als “telefoon, internet en andere communicatiemiddelen” in de zin van artikel 15b, lid 1, onderdeel f Wet LB, waarbij een zakelijk gebruik van meer dan 10% voldoende is, en was daarmee sprake van een vrije verstrekking.

Volgens Rechtbank Haarlem (nr. 12/2572, ECLI:NL:RBHAA:2012:BY4908) ging het om de verstrekking van een computer zodat pas bij (nagenoeg) geheel zakelijk gebruik (90% of meer) sprake was van een vrije verstrekking; het zakelijk gebruik was dus te klein voor onbelaste verstrekking. Volgens de Rechtbank was de communicatiefunctie van de iPad ondergeschikt aan de andere gebruiksmogelijkheden en eerder bijkomstig. Andere gebruiksmogelijkheden waren niet alleen de traditionele computerfuncties als tekst- en dataverwerking, maar volgens de Rechtbank met name ook het spelen van spelletjes, het maken en bewerken van foto’s, het lezen van e-boeken, het gebruiken van muziekfuncties en navigatiemogelijkheden. RTL probeerde nog tevergeefs de verstrekking van de iPad te vergelijken met de verstrekking van vakliteratuur.
Aangezien vaststond dat de verstrekte iPads niet (nagenoeg) geheel zakelijk worden gebruikt, werd de verstrekking van de iPads tot het loon gerekend en was 323.687 euro loonheffing verschuldigd.

Grootte tablet
De redactie stelde ten tijde van de uitspraak van Rechtbank Haarlem vast dat de Belastingdienst in de praktijk een nogal willekeurig onderscheid maakt naar de grootte van de tablet. Alle tablets die groter zijn dan 7 inch worden door de Belastingdienst niet aangemerkt als communicatiemiddel, ook als alleen de schermgrootte verschilt en alle functies hetzelfde zijn als bij kleinere modellen waar soms helemaal geen sim-kaart in kan worden geplaatst. Dit betekent dat de enorm populaire iPad met een scherm van 7,9 inch als computer wordt behandeld en dus alleen onbelast in het kerstpakket kan als wordt voldaan aan de 90%-eis.
De Belastingdienst heeft overigens zelf de door haar verstrekte iPads sinds 2012 in de vrije ruimte van de werkkostenregeling ondergebracht.

Hof acht iPad niet geschikt voor langdurig gebruik
Hof Amsterdam (nr. 13/00010, ECLI:NL:GHAMS:2014:3946) oordeelt dat onder communicatie in ieder geval telefonie, sms, e-mail en internetgebruik (dit heeft de staatssecretaris zelf geschreven in het besluit nr. CPP2009/78M) valt en dat het schrijven van lange teksten daarentegen niet als communicatie is aan te merken. Volgens het Hof zijn het touchscreen – zodra daarop het toetsenbord verschijnt – en de invoermogelijkheden (verschillende toetsenborden voor cijfers en letters) van de iPad dusdanig beperkt in vergelijking met desktop-PC’s en laptops dat de iPad niet als een computer kan worden aangemerkt. Het Hof acht de iPad niet geschikt voor langdurig gebruik en maakt zelfs de vergelijking met een smartphone of een Blackberry. Bij mobiele communicatie, sms, e-mail of internetgebruik is geen of nauwelijks sprake van beperkingen zodat de iPad als een communicatiemiddel moet worden aangemerkt. Dit betekent dat de iPad vrij van loonheffing kan worden verstrekt aan de werknemers die meer dan 10% zakelijk gebruik maken van de iPad. Dit is 74% van de werknemers waardoor RTL recht heeft op teruggaaf van € 239.528 aan afgedragen loonheffing.

Vraagpunten
De uitspraak van Hof Amsterdam maakt het allemaal niet duidelijker. Moet nu een onderscheid worden gemaakt tussen modellen en merken tablets naar de gebruiksvriendelijkheid, grootte en indeling van het toetsenbord, ‘hoeveel’ toetsenbord je overhoudt, enz.? Is een tablet ‘opeens’ een computer als er een draadloos toetsenbord aan hangt? Moet ook niet worden gekeken naar hoe een gemiddelde werknemer de verstrekte tablet ziet, en hoe verhoudt dit zich tot de btw (BUA)?

Werkkostenregeling
Deze uitspraken hebben betrekking op de regeling onder het systeem van vrije vergoedingen en verstrekkingen, en (grotendeels) de tot 2015 geldende werkkostenregeling. Onder de per 2015 aangepaste werkkostenregeling, als de wijzigingen in het Belastingplan 2015 (zie Belastingplan 2015 – werkkostenregeling: werkgevers hebben geen keuze meer!) doorgaan, verandert de regeling. Het onderscheid in fiscale behandeling tussen computers, smartphones en tablets verdwijnt door (beperkte) invoering van het noodzakelijkheidscriterium. Voor de zakelijke iPad zal dus niet langer de ‘zakelijke gebruikseis’ gelden. Indien een werknemer een iPad nodig heeft om zijn werk te doen, kan de werkgever deze verstrekken zonder fiscaal rekening te hoeven houden met het privévoordeel van de werknemer.
Ook het onderscheid tussen vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen verdwijnt door een aantal werkplekgerelateerde voorzieningen waarvoor nu een nihilwaardering geldt, onder een nieuwe gerichte vrijstelling te brengen.

Vaste telefoonvergoeding voor zakelijk gebruik
Het bovenstaande moet worden onderscheiden van de situatie waarin een werknemer een vaste vergoeding ontvangt voor bijvoorbeeld het zakelijk gebruik van een privételefoon. Dit zijn intermediaire kosten waarvoor zowel in het systeem van vrije vergoedingen en verstrekkingen als de (per 2015 verplichte) werkkostenregeling een speciale regeling geldt. Intermediaire kosten vallen voor de werkkostenregeling buiten de vrije ruimte, nihilwaarderingen en gerichte vrijstellingen omdat dergelijke kosten niet als loon worden aangemerkt, mits voldoende onderbouwd. De Belastingdienst kijkt in het kader van de werkkostenregeling zeer goed naar intermediaire kosten omdat hiermee de werkkostenregeling kan worden ontgaan.

Vrije vergoedingen en verstrekkingen
Een vaste onkostenvergoeding is in beginsel onbelast als die voldoende kan worden onderbouwd en voor zover die niet meer dan kostendekkend is. De kostenvergoeding moet naar aard en veronderstelde omvang van de kosten zijn gespecificeerd en afzonderlijk zijn vastgesteld. Tevens moet een dergelijke kostenvergoeding op verzoek van de Belastingdienst kunnen worden onderbouwd door middel van een kostenonderzoek, eventueel een steekproef (als sprake is van een beperkte telefoonvergoeding zal dit niet aan de orde zijn). Het is niet mogelijk om achteraf een onbelaste vaste vergoeding te geven. Vergoeding achteraf is wel mogelijk op declaratiebasis. Zie onder meer 3.3.3 van het besluit nr. BLKB2014/1033M.

Werkkostenregeling
Onder de werkkostenregeling geldt een vergelijkbare regeling maar die is wat strenger (per definitie een kostenonderzoek) en vereist eventueel meer uitsplitsing. Zie onder meer 4.3.3 van het besluit nr.BLKB2014/1033M.

terug