Hoge Raad spreekt zich opnieuw uit over informatiebeschikking

Bron: FiscaalTotaal

Op 2 oktober 2015 heeft de Hoge Raad zich in een tweetal arresten uitgesproken over de informatiebeschikking. Beide arresten zien op de omkering en verzwaring van de bewijslast als gevolg van de informatieverplichtingen van artikel 47 AWR.

Hoge Raad

Omkering en verzwaring bewijslast

Met de invoering van het wetsontwerp Dezentjé Hamming (30 645) op 1 juli 2011 is de verhouding tussen het niet voldoen aan onder andere de administratie-, bewaar- en informatieverplichting en de omkering van de bewijslast enigszins verschoven. Waar vóór 2011 de inspecteur direct de omkering van de bewijslast kon inroepen, heeft hij nu een tussenstap nodig. De informatiebeschikking dient eerst onherroepelijk te worden. Het spreekt voor zich dat zonder een informatiebeschikking nooit omkering van de bewijslast plaats kan vinden.

Onherroepelijke informatiebeschikking harde eis

In het arrest nr. 14/02335, ECLI:NL:HR:2015:2795 heeft de inspecteur geen informatiebeschikking opgelegd. Na een boekenonderzoek over de jaren 2006 en 2007 en een daaropvolgende constatering dat de administratieverplichting is geschonden, heeft de inspecteur bij uitspraak op bezwaar de omkering en verzwaring van de bewijslast toegepast. Hof Amsterdam (nrs. 12/00814, 12/00815, 12/00816, ECLI:NL:GHAMS:2014:1171) komt tot een weinig verrassende conclusie, namelijk dat de omkering en verzwaring van de bewijslast zonder een daaraan voorafgaande informatiebeschikking geen kans van slagen heeft. De uitspraak op bezwaar van de inspecteur heeft echter plaatsgevonden ná inwerkingtreding van de nieuwe wetgeving. Zonder overgangsrecht is sprake van directe werking van deze nieuwe wetgeving. Kortom, een onherroepelijke informatiebeschikking is een harde eis voor de omkering en verzwaring van de bewijslast. De Hoge Raad acht het oordeel van het Hof dus juist.

Had de inspecteur zijn uitspraak op bezwaar vóór 1 juli 2011 gedaan, dan was de informatiebeschikking geen noodzakelijke voorwaarde geweest voor de omkering en verzwaring van de bewijslast. Het beginsel van onmiddellijke werking (van de nieuwe wetgeving) betekent in dat geval echter dat behandeling in hoger beroep nooit tot omkering en verzwaring van de bewijslast kan leiden. Wenste de wetgever een dergelijke uitwerking te voorkomen, dan had de wetgever dit wettelijk moeten vastleggen.

Geen omkering en verzwaring bewijslast zonder informatiebeschikking

Het tweede arrest (nr. 14/02811, ECLI:NL:HR:2015:2903) ziet eveneens op de vraag of schending van de informatieverplichting de omkering en verzwaring van de bewijslast als gevolg heeft. Nu geen onherroepelijke informatiebeschikking is opgelegd, zou volgens de belanghebbende geen omkering plaats kunnen vinden. Hof Den Haag (nr. 13/00342, ECLI:NL:GHDHA:2014:1769) komt tot het oordeel dat de op 1 juli 2011 aanhangige bezwaren nog steeds hun grondslag kunnen vinden in het vóór 1 juli 2011 geldend recht. Dit staat haaks op hetgeen de Hoge Raad in het hiervoor vermelde arrest heeft besloten, namelijk dat zonder overgangsrecht een rechtshandeling geen grondslag kan hebben in de oude wetgeving (vóór 1 juli 2011). Met andere woorden, wederom geen omkering en verzwaring van de bewijslast zonder een informatiebeschikking.

Tijdstip uitspraak op bezwaar doorslaggevend

Volgens de Hoge Raad is het moment waarop uitspraak op bezwaar is gedaan doorslaggevend. Nu de uitspraak op bezwaar ná 1 juli 2011 heeft plaatsgevonden, is de voorwaarde voor een onherroepelijke informatiebeschikking terecht. Het Hof is volgens de Hoge Raad uitgegaan van een andere rechtsopvatting. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie van belanghebbende gegrond.

Uitspraak Hoge Raad eensluidend

In beide zaken is de uitspraak van de Hoge Raad eensluidend. Het tijdstip waarop uitspraak op bezwaar wordt gedaan door de inspecteur is bepalend voor de uitwerking. De wetgever heeft hier onhandig gehandeld door geen overgangsrecht te bepalen voor de oude wetgeving. Hierdoor kent de wet geen grondslag voor de omkering en verzwaring van de bewijslast en kan het beginsel van onmiddellijke werking zo ver worden getrokken dat zelfs een omkering, gebaseerd op oude wetgeving, in hoger beroep mogelijk niet slaagt, althans als de vereiste aangifte wel is gedaan. Deze uitspraak is niet de eerste en zal ook niet de laatste zijn met betrekking tot de informatiebeschikking. Desondanks is hiermee een duidelijk signaal afgegeven aan de inspecteur.

U kunt hyperlinks uit bovenstaand artikel alleen openen wanneer u een abonnement op de Kennisbank FiscaalTotaal heeft.
Bent u op zoek naar fiscale verdieping voor een betrouwbaar advies aan uw klant? Lees meer over FiscaalTotaal en vraag een demo aan!>

terug