De scheidingsgolf na de zomervakantie en het recht anno 2015

 

Er zijn ieder jaar twee pieken voor wat betreft echtscheidingen. Na de feestdagen van december en na de zomervakantie. Twee weken, 24×7 bij elkaar, daar blijkt menig huwelijk niet tegen te zijn opgewassen. Daarentegen kunnen mensen ook juist in de vakantie een liefde tegenkomen, waar een huwelijk uit kan ontstaan. Zowel het aangaan van het huwelijk als de echtscheiding heeft grote civiele en fiscale gevolgen. Op beide rechtsgebieden hebben de ontwikkelingen de afgelopen vier jaar niet stilgestaan. Het civiele en het fiscale recht zijn ingrijpend veranderd.

Vergoedingsrechten

Met ingang van 1 januari 2012 is artikel 1:87 van het Burgerlijk Wetboek (BW) toegevoegd. Artikel 1:87 BW bevat een regeling voor het geval de ene echtgenoot een goed aanschaft dat wordt gefinancierd met vermogen van de andere echtgenoot. Tot de introductie van artikel 1:87 BW ontstond een vergoedingsrecht tegen een nominaal bedrag zonder rente. Met ingang van 1 januari 2012 wordt het vergoedingsrecht afhankelijk van de waardeontwikkeling van het gefinancierde goed, de zogenaamde beleggingsleer. Deze regeling kent in bepaalde situaties merkwaardige uitkomsten. Artikel 1:87 BW geldt voor alle huwelijken ongeacht de huwelijksvermogensregime en is regelend recht, dus afwijkende bepalingen zijn mogelijk. Vorderingsrechten die al bestonden voor 2012 vallen onder het overgangsrecht. Fiscaal roept het ontstaan van vergoedingsrechten waarop de beleggingsleer van toepassing is, diverse vragen op. Is de vordering die de ene echtgenoot heeft op de andere echtgenoot een eigenwoningschuld als die andere echtgenoot met het geld een eigen woning aanschaft? En welke gevolgen heeft de beleggingsleer voor de TBS-regeling als het geld wordt gebruikt in de onderneming van de andere echtgenoot? Ontstaat er een aanmerkelijk belang bij de echtgenoot die een vergoedingsrecht heeft waarop de beleggingsleer van toepassing is?

Het nieuwe huwelijksvermogensrecht heeft ook een voor de praktijk belangrijke wijziging ondergaan bij echtscheidingen. Met ingang van 1 januari 2012 wordt de huwelijksgemeenschap ontbonden op het moment dat het verzoek tot echtscheiding wordt ingediend bij de rechtbank. Tot 2012 was dat het tijdstip waarop de echtscheiding werd ingeschreven bij de burgerlijke stand. Tussen beide tijdstippen kunnen vele jaren liggen. Terwijl onder de oude regeling de in gemeenschap van goederen gehuwde echtgenoten nog vele jaren hoofdelijk aansprakelijk bleven voor de schulden van de andere echtgenoot, is dat nu na het indienen van een verzoek tot echtscheiding direct afgelopen. Ook bouwen beide echtgenoten vanaf dat moment direct eigen vermogen op. Het laat zich raden dat deze wijziging ook fiscale gevolgen kent. Denk daarbij bijvoorbeeld aan rentebetalingen ten behoeve van de eigen woning.

Inmiddels is opnieuw een wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer welke ingrijpende gevolgen heeft voor het huwelijksvermogensrecht. In Nederland is gemeenschap van goederen de standaard. Het nieuwe wetsvoorstel gooit dat volledig om. De standaard wordt een beperkte huwelijkse gemeenschap de nieuwe standaard. Dit komt overeen met hetgeen internationaal meer gebruikelijk is. Hoewel het wetsvoorstel nog moet worden behandeld in de Tweede Kamer is het belangrijk om de contouren van het wetsvoorstel te kennen.

Fiscaal is met name op het terrein van de eigenwoningregeling sinds de invoering van de Wet herziening fiscale behandeling eigen woning met ingang van 1 januari 2013 het nodige veranderd ingeval van huwelijk en echtscheiding als er sprake is van een eigen woning. Welke gevolgen heeft het huwelijk bijvoorbeeld voor het aflossingsschema en de eigenwoningreserve? Wat gebeurt er bij echtscheiding met aflossingsvrije hypotheekschuld Wanneer één van de echtgenoten de woning en de schuld overneemt? Kan de kapitaalverzekering eigen woning worden overgedragen aan één van beide ex-echtgenoten of worden afgekocht? Wie kan de rente van een restschuld aftrekken als een rechterlijk vonnis afwijkt van de civiele aansprakelijkheid?

Niet alleen gehuwden gaan uit elkaar, ook ongehuwde fiscale partners beëindigen, al dan niet na de zomervakantie, hun relatie. De partnerregeling is met ingang van 2011 ingrijpend gewijzigd, maar ook daarna is die regeling op onderdelen nog diverse malen aangepast. Hoewel de Algemene wet inzake rijksbelastingen een basispartnerbegrip kent, gelden er vele afwijkende bepalingen voor de erf- en schenkbelasting, de inkomstenbelasting en Toeslagen. Het wel of niet zijn van fiscale partner heeft grote fiscale gevolgen en is ook van belang voor Toeslagen. Wanneer eindigt het partnerschap fiscaal eigenlijk? Waarom is de status van duurzaam gescheiden leven fiscaal nog steeds van belang? En op welk moment is er fiscaal eigenlijk sprake van duurzaam gescheiden leven?

Wilt u antwoord krijgen op deze vragen of gewoon bijgepraat worden over dit onderwerp, volg dan het webinar ‘Huwelijk en echtscheiding’ op woensdag 2 september. Mr. Benard Devilee zal een inhoudelijk webinar geven over dit onderwerp. In dit webinar zal diep worden ingegaan op:

  • Wijzigingen huwelijksvermogensrecht 2012
  • Fiscale gevolgen van de wijzigingen van het huwelijksvermogensrecht
  • De partnerregeling
  • Huwelijk en echtscheiding en de eigenwoningregeling
  • Fiscale gevolgen van alimentatie
terug