Das Leben der Anderen …

Bron: Contaxus Belastingadviseurs

Op 28 oktober 2014 is het herziene convenant tussen de belastingdienst en de politie in werking getreden over het medegebruik van zogeheten anpr-camera’s (Automatic Number Plate Recognition). Met deze camera’s wil de belastingdienst onder meer bekijken of privé gereden wordt met een zakelijke auto en of motorrijtuigenbelasting is betaald.

Met de anpr-camera’s kan de politie automatisch de kentekens van passerende auto’s registreren en opslaan. De belastingdienst wil ook toegang tot het camerasysteem en heeft daarvoor met de politie een convenant getekend. Het convenant is naar aanleiding van een WOB-verzoek door het Ministerie van Financiën op 17 oktober 2014 openbaar gemaakt en is op 27 oktober 2014 gepubliceerd in de Staatscourant.

De van de politie ontvangen camerabeelden en gegevens worden door de belastingdienst gebruikt voor het toezicht op de naleving van fiscale wet- en regelgeving.

De belastingdienst kan op basis van art. 55 AWR (kort gezegd) gegevens opvragen bij andere overheidsinstanties en dus ook bij de politie. Echter, de wetgever heeft in de Wet politiegegevens (Wpg) expliciet gekozen voor een gesloten stelsel. Dat wil zeggen dat er slecht gegevens mogen worden uitgewisseld met in die wet genoemde instanties. De belastingdienst behoort niet tot de instanties binnen het gesloten stelsel zoals genoemd in de Wpg. In onze blog van 4 juni 2014 schreven wij naar aanleiding van het gebruik van politiegegevens door de belastingdienst reeds dat deze gegevensuitwisseling op grond van wet- en regelgeving onrechtmatig was. Deze onrechtmatigheid moet zowel bij de politie als bij de belastingdienst redelijkerwijs bekend zijn.

In dat licht bezien is het ook buitengewoon merkwaardig dat een convenant is gesloten over het medegebruik door de belastingdienst van de anpr-camera’s. Kennelijk is medegebruik van camera’s iets heel anders dan gezamenlijk gebruik van de met de camera’s genomen foto’s. Bij een procedure zal het convenant hoogstwaarschijnlijk getoetst worden aan de Wpg en daarmee haar rechtskracht verliezen. Men moet niet uit het oog verliezen dat een belangrijk doel van de Wpg is om zware criminaliteit en georganiseerde misdaad te bestrijden en uitdrukkelijk niet is bedoeld als middel voor het innen van belastingen.

Ten slotte nog een puntje van privacy. De gegevens die de belastingdienst op basis van het convenant in handen krijgt mogen zij bewaren zolang als fiscaal relevant wordt geacht. Dat komt neer op een periode van vijf tot zeven jaar. Vervolgens kunnen politie, inlichtingendiensten en Justitie moeiteloos bij die persoonlijke gegevens van burgers via dezelfde belastingdienst. Waar de instanties zelf alle verzamelde data binnen een paar maanden moeten vernietigen, kunnen de diensten tot wel 7 jaar na dato bij de belastingdienst aankloppen voor gegevens die zij zelf ooit vergaard hadden maar op basis van wettelijke bepalingen niet langer dan een bepaalde periode mochten bewaren.

Ruim 25 jaar leefden we in de veronderstelling dat het Stasi-paradijs ten grave was gedragen met de val van de Muur. Met een belastingdienst onder leiding van de voormalige directie van de Nederlandse Inlichtingen en Veiligheidsdienst is de Stasi onder ons.

De auteurs mr. A. Seubring en mr. E.J. Kemp zijn als belastingadviseurs verbonden aan Contaxus Belastingadviseurs te Schiphol-Rijk

terug