Btw, aftrek en vooruitbetaling

 

Het recht op aftrek van voorbelasting blijft ons bezighouden. Dit geldt niet alleen in Nederland, maar ook in Duitsland. In deze Duitse zaak ging het om of al dan niet recht op aftrek van voorbelasting bestaat ter zake van btw op een factuur in het kader van een vooruitbetaling.

Feiten

Op 10 april 2010 is door belanghebbende een blokverwarmingscentrale besteld bij een leverancier. De leverancier heeft enkele dagen later, op 12 april 2010,  de bestelling bevestigd en een voorschotfactuur uitgereikt met € 5.700 aan btw. Door belanghebbende is de voorschotfactuur betaald en de btw in aftrek gebracht. Op dit moment was nog niet bekend wanneer de levering zou plaatsvinden. De blokverwarmingscentrale is niet meer geleverd.

Geschil

De Duitse fiscus neemt het standpunt in dat de btw op de voorschotfactuur bij belanghebbende niet in aftrek kan worden gebracht. Belanghebbende is het hier niet mee eens. Door partijen wordt over deze vraag geprocedeerd. Het geschil is voorgelegd aan de Duitse rechter die prejudiciële vragen hierover stelt aan het Hof van Justitie EU. De Advocaat-Generaal (A-G) heeft in deze zaak een conclusie genomen.

Aftrekregeling 

De A-G begint met het bespreken van het doel van de aftrekregeling. Het doel van de aftrekregeling is het geheel ontlasten van de in het kader van zijn al zijn economische activiteiten verschuldigde btw. De A-G geeft vervolgens aan dat het recht op aftrek bestaat op het tijdstip waarop de aftrekbare belasting verschuldigd wordt. De hoofdregel is dat de btw is verschuldigd op het tijdstip waarop de goederenleveringen en diensten worden verricht. Hierop bestaat een uitzondering als een vooruitbetaling plaatsvindt. In dat geval is de btw verschuldigd op het moment dat de vooruitbetaling wordt ontvangen. Uit eerdere jurisprudentie van het Hof van Justitie EU blijkt echter dat alleen btw ter zake van vooruitbetalingen is verschuldigd als alle relevante elementen van het toekomstige belastbare feit reeds bekend zijn.

Aftrekrecht

De A-G is van mening dat het enkele feit dat de leverancier nooit het voornemen had de blokverwarmingscentrale te leveren het aftrekrecht niet in de weg staat. Dit kan alleen als de Belastingdienst erin slaagt te bewijzen dat de belastingplichtige dit wist of dit had moeten weten. Het enkele feit dat niet bekend was wanneer de blokverwarmingscentrale geleverd zou worden, is volgens de A-G onvoldoende om te stellen dat sprake is van een vooruitbetaling waarbij niet alle relevante elementen van het toekomstige belastbare feit reeds bekend zijn. In casu was namelijk duidelijk dat een levering zou plaatsvinden enkel niet wanneer. De A-G komt de conclusie dat in een situatie als deze de belastingplichtige recht heeft op aftrek van voorbelasting op het moment dat de vooruitbetaling wordt gedaan en dat dit recht in casu niet mag worden beperkt.

 Voor de praktijk

Ik ben het volkomen eens met de AG. In de praktijk komt het veelvuldig voor dat partijen overeenkomen een bepaald goed te leveren en dat later wordt gekeken wanneer de levering moet plaatsvinden. Op het moment van betalen is al duidelijk welk product zal worden geleverd en onder welke voorwaarden. Een ronde deal dus. Voor de praktijk is het dus wel van belang om bij vooruitbetalingen extra oplettend te zijn. Doet u of uw cliënt een vooruitbetaling? Ga dan na of voldoende duidelijk is welke levering of dienst hiervoor zal worden verricht en of ook al bekend is onder welke voorwaarden deze levering of dienst wordt verricht. Voor u het weet betaalt u btw welke niet aftrekbaar is. Ten onrechte in rekening gebrachte btw is namelijk in beginsel wel verschuldigd, maar niet altijd aftrekbaar.

 

Discussie (0)

Bekijken en participeren
Log in of Registreer om een reactie te plaatsen
terug